Zaterdag 19 juni

Ik werkte Pride and Prejudice af, pakte alles in, ging een laatste keer joggen, nam afscheid van mijn gastgezin en... nam de Eurostar richting Brussel-Midi. Tegen acht uur 's avonds kwam ik in Leuven aan. Mijn Erasmus zit er nu definitief op, en hiermee eindigt voorlopig ook deze blog.

Bedankt, trouwe lezers :)

Vrijdag 18 juni

Mijn laatste lesdag: ik kreeg mijn certificaat, nam afscheid van iedereen en lichtjes opgelucht vertrok ik naar Welling. Daar probeerde ik in een rush de hele BBC-reeks van Pride and Prejudice erdoor te jagen.

Donderdag 17 juni

Tijdens de les moesten we een test doen over het afgewerkte hoofdstuk. 's Avonds ging ik als vanouds weer even joggen.

Woensdag 16 juni

Na de les ging ik mijn boek lezen in de zon, weinig elegant geïnstalleerd op de trappen van het openluchttheater The Scoop. 's Avonds was er een gratis toneelvoorstelling: I'm a Londoner. Verschillende 'personages' uit het Londense leven kwamen om beurten een sketch brengen.

Dinsdag 14 juni

Deze keer trok ik na de les naar de National Gallery met de Canadeesjes. We hadden minder dan twee uur voor het zou sluiten, en werkten de klus strategisch af. Eerst de paarse zalen van de zestiende en zeventiende eeuw aan een aanzienlijk tempo, vervolgens een iets grondigere inspectie van de achttiende, negentiende en twintigste eeuw, met een versnelling bij de landschapsschilderijtjes. Op het einde hadden we nog iets minder dan een kwartier om de highlights van de veertiende en vijftiende eeuw te gaan spotten. Duizelingwekkend wat daar allemaal bijeenhangt.

Bewonderd:






Maandag 14 juni

Ik moest naar school gaan in volle ochtendspits. De taferelen die je dan ziet, zijn een postkaart waard. De uitgedoste Britten staan keurig in rijen van wel tweehonderd meter lang te wachten om op de bus te stappen. Nooit eerder heb ik zoveel burgerlijke discipline waargenomen.

Tijdens de pauze in het parkje vlakbij de school had een Britse hond het opnieuw op mij gemunt. Deze keer had het snobistische scharminkel mijn laptoptas gedegradeerd tot boomstam. Het baasje zei sorry, had helaas geen napkin en liet de opkuis dus maar geheel aan mij over. Als ik dat mens nog eens zie, zal ze voor eeuwig bedwelmd worden met het parfum van mijn urine, no mercy.

Ik ging het British Museum aan een verder onderzoek onderwerpen, en trok door naar de National Portrait Gallery. Deze musea zijn zo gigantisch dat een combinatie van beide een ware fysieke inspanning is. Ik heb de weledele portretten gezien van Elizabeth I, Henry VIII, de kamerleden tijdens het proces voor de Slavery Abolition Bill uit 1833, Wordsworth, Lord Byron, Chaucer, Francis Bacon, Watt, … indrukwekkend.

In het British Museum was ik eerder verveeld door het besef dat veel van de voorwerpen achter glas daar helemaal niet horen te zijn: koloniale diefstal. Wel kan ik fier vertellen dat ik een kwaadafzwerende halsketting voor een Egyptische ezel heb mogen vastnemen.


De overdekte hal van het British Museum

Mijn gastmoeder is getuige van Jehovah en heeft mij met veel enthousiasme haar boekje over dé waarheid uitgeleend: ‘What does the Bible really teach?’ Ik lees het altijd in het geniep op de trein, uit schrik dat de mensen me er over zouden aanspreken. Enkele opmerkelijke citaten:

• ‘The Bible is also historically accurate and reliable.’
• ‘The Kingdom started to rule in 1914, and since then Satan has been cast out of heaven down to earth.’
• ‘Does your religion agree with what the Bible teaches about the dead? Most do not. Why? Because their teachings have been influenced by Satan.’

Ik heb al ondervonden dat ik over deze kwesties beter niet in discussie treed met Miranda. Toen ik mijn ontgoocheling omtrent de Belgische verkiezingsuitslagen uitte, kreeg ik boudweg te horen dat het inderdaad alleen God is die ons kan regeren. Getuigen van Jehovah stemmen niet.

’s Avonds mocht ik in haar dvd-lade grabbelen, feest.

Zondag 13 juni

Wel twee uur op voorhand stond ik klaar aan Charing Cross, zo kon ik de buurt nog even verkennen. Ironisch genoeg bleek dat Noor King’s Cross bedoelde, en ik uiteindelijk een half uur te laat was.

We snuisterden in de talrijke kraampjes van Spitalsfield Market: veel handmade-producten, vintage en – zoals in Camden – kraampjes met eten uit zeer uiteenlopende landen. De gespotte trends zijn tassen met een ontelbaar aantal ritsen, T-shirts met originele patronen en slogans, lange kettingen met een hangertje die er bijzonder onhandig uitzien, en cupcakes in de volle glorie van de kitsch.

Toevallig passeerden we een fototentoonstelling van jonge artiesten, werd Noor uitgenodigd door een scout van de kappersacademie, en ontdekten we een vintage-kraam met uitnodigende sales waardoor ik nu de fiere bezitster van een Britse trench coat ben.

Tijdens mijn – haast dagelijkse – jog in Welling werd ik nu al voor de tweede keer aangevallen door een verwende, Britse hond. Voor de tweede keer stonden er bruine hondenpootjes op mijn bovenbenen.

Zaterdag 12 juni

Het overviel mij: bezoek van De Luiheid. Hij hield me gezelschap met film kijken, dagdromen, lezen, vakantieplannen concretiseren, en in bed liggen. Gaap.

Vrijdag 11 juni

Na de les wilde ik met de Canadese meisjes naar Piccadilly’s Circus. Er passeerden tientallen rode dubbeldekkers, maar de onze was er nooit bij. De ‘Underground’ is gelukkig nooit ver, ik moest alleen nog even mijn Oyster-card up-toppen. Daarvoor moet je die kaart op een welbepaalde manier scannen: niet over het machientje wrijven, maar een accurate, lichte aanraking tot het ‘biep’ zegt in het Engels. Een zwarte security-guy heeft mij de kneepjes van het vak moeten bijbrengen.


Wachten op de rode bus die niet kwam

Piccadilly’s Circus is ongelooflijk toeristisch: ‘Mind the Gap’-muntdoosjes, rode miniatuur telefoonhokjes en een onderbroek met de Union Jack voor bijna tien euro. We liepen doelbewust verloren tot we kleine, interessante straatjes vonden met tal van tweedehands-boekenwinkeltjes.


Niet ver van Piccadilly's: Worldcup-geweld op Trafalgar Square

Ik keerde terug naar Welling om mijn avondeten dankbaar in ontvangst te nemen en trok naar de Undergroundstop Angel voor een gratis jazz-concert. Op dit punt begon Londen slaag te verkopen: toen ik met een droevig pintje van bijna vier euro in een muffige zetel neerplofte, belden de Canadeesjes dat ze niet binnen mochten: paspoortcontrole. Twee van hen zijn nog geen achttien en worden blijkbaar verondersteld thuis voor de haard te zitten.

We vonden een ander cafeetje waar we enkel buiten konden zitten zodat ik stiekem de drank kon gaan bestellen. Triest.

Vervolgens moest ik bijna een uur wachten op mijn bus en een uur op het voertuig zitten geflankeerd door een boertige, rosse dronkaard. Ik had me mijn kennismaking met het nachtleven in Londen iets rooskleuriger voorgesteld.

Donderdag 10 juni

Ik moest een eindtest afleggen. Mevrouw Frans Accent van het Academic Office had me toen ik binnenkwam met een bijzonder ernstig gezicht gemeld dat ik naar de directrice moest gaan na de test. Ik verwachtte een stevige uitbrander.

De test was spotgemakkelijk, maar ik had de tijd niet in de gaten. De laatste vragen zijn helaas wit gebleven.

Dan nu het onderhoud met de directrice. Mevrouw Academic Office moest er ook komen bijzitten. Opeens veranderde de hele toon. Ze hadden zoveel communicatie van mijn vader met het Belgische Office opgevangen dat ze wel eens wilden weten wat er aan de hand was, want het was voor hen erg belangrijk dat de studenten zich goed voelen op hun school. Welja, die interesse kwam dan wel bijzonder laat om geloofwaardig te zijn.

Ik mocht mijn hele verhaal opnieuw doen, ze had er oren naar en zonder echt toe te geven dat de school in fout was, wilden ze het probleem oplossen. Ik kon ofwel enkele uren privé-les krijgen, ofwel een week extra blijven bij die goeie leraar. Alles op hun kosten. Uiteraard is een hele week extra veel voordeliger dan enkele extra lessen.

Zo geschiedde. Ik heb mijn sollicitatiegesprek in Brussel een week laten uitstellen, enkele afspraken met vrienden afgezegd, en blijf nu officieel tot 19 in plaats van 13 juni in Londen. De school regelt een nieuw Eurostar-ticket, ik mag een week bij die goeie leraar les volgen en ook mijn gastgezin wordt door hen betaald. Ik begrijp niet vanwaar juist die plotse omwenteling komt, maar in elk geval doet het deugd dat al mijn energie voor reclamatie niet vergeefs was.

Woensdag 9 juni

Vandaag kreeg ik geen les van de geniale leraar, maar volgde ik mijn zogenaamde SPIN (Special Interest)-courses. RAMP-ZA-LIG. Tijdens ‘Writing’ heeft Mevrouw Cambridge meer dan de helft van de les zitten babbelen met studenten; de andere helft moesten wij een tekstje schrijven dat zij dan corrigeerde. Mijn definitie van lesgeven verschilt iets van de hare.

In de namiddag werd ik in de IELTS-exam-preparation-course geplaatst. IELTS is een erkend Engels taalexamen, gelijkaardig aan de TOEFL-test die ik eerder dit jaar in Praag heb afgelegd. Er was me veel beloofd door het Academic Office, maar na een half uur uitleg over hoe in te schrijven, was duidelijk dat ik daar niks kon gaan zoeken.

Daar stond ik terug aan de deur van het Academic Office. Ik kon eens gaan proberen bij Vocabulary. Toen bleek dat ze daar niks anders deden dan een film kijken, ben ik de school boos en ontgoocheld uitgevlucht.

Al mijn klachten hebben tot nu toe niks uitgehaald. Ze luisteren simpelweg niet naar een studentje. Ik heb dus een hulplijn vanuit België ingeroepen: vake heeft meerdere keren naar het Belgische bureau gebeld.

Dinsdag 8 juni

Na de les ben ik met de Canadese meisjes naar Tate Modern gegaan. Na de derde keer zijn er nog altijd vele zalen die ik moet ontdekken. Dat is voornamelijk omdat ik het erg grondig doe.

Vanavond kreeg ik het heerlijkste curry-met-rijst-en-groenten-gerecht voorgeschoteld. We hebben nog lang gepraat na het eten.

Maandag 7 juni

De nieuwe leraar is geniaal. Hij kent vijftien talen, waarvan zeven vrij grondig. De lessen zijn uitdagend met een stand-up-komiekachtige inslag. Eindelijk zit ik juist. Er zijn drie nieuwe meisjes uit Quebec met wie ik erg goed lijk overeen te komen.

De hele namiddag heb ik de Belgische politiek aan een grondig onderzoek onderworpen om een partij te kiezen. Mijn volmacht is al opgestuurd naar het thuisfront.

’s Avonds mocht ik van Miranda Captain Corelli’s Mandolin lenen, ik had net het boek uit en zoals verwacht was de film veel minder sterk, maar wel de moeite.

Zondag 6 juni

Ik wilde naar de koormis gaan in St. Paul’s Cathedral, echter dan had ik moeten weten dat de treinen vandaag niet reden vanaf Welling. Het werd een spurtje naar de bushalte, en een lange rit naar het centrum. In St. Paul’s kon je wel gaan ‘bidden’, ik gaf mijn ogen de kost. Nadien ben ik nog wat zalen van het Tate Modern Museum gaan bekijken.


St. Paul's Cathedral en de Millennium Bridge vanaf het pleintje voor Tate Modern

Toen ik terugkwam in Welling liep het hele terras vol mensen. Miranda, mijn gastmoeder, had een barbecue georganiseerd voor wat buren. Ik verbroederde met twee zwarte meisjes van tien en twaalf. Ze zijn helemaal naar mijn hart: veel energie, enorme slokopjes (alle desserts werden systematisch verslonden), ondeugend (stiekem de schoenen van de mama gebruiken, zodat die All Stars moest aandoen), en dankbaar. De verse paella getuigde nogmaals van Miranda’s kookkunsten, ik zit hier duidelijk goed.

In Londen ben ik voor elke onbekende ‘Sweetheart’, ‘My love’ en ‘Darling’. Ik ervaar het als een inbreuk op mijn privacy.

Zaterdag 5 juni

Nog één keer moest ik dik tegen mijn zin naar die te gemakkelijke klas. Nadien ging ik shoppen in Camden met Noor. Dat is een wijk vol shops en kraampjes, van vintage, hip, alternatief tot ronduit marginaal en over-the-top. De sfeer is er leuk, gezellig druk en er zijn eetkraampjes uit verschillende landen.

Op de terugweg speelden drie Japanse kindertjes voor informateur: (in koor) 'This is the train with the destination of Morden. The next stop is...'

Ik keerde terug naar Welling, en was ’s avonds te laat voor het Shunt-theatre, de deuren waren al dicht. Ik vond het niet erg, omdat de afspraak toch maar half was gemaakt en ik uiteindelijk al een hele rondleiding had gekregen.

Ik volgde het pad langs de Thames in de richting van het Tate Modern Museum, eveneens gratis. Tate Modern is in een oude elektriciteitsfabriek die op briljante wijze is omgebouwd. Ik had slechts zin in één zaal naoorlogse kunst, kan toch nog terugkomen.

Vrijdag 4 juni

Ik krijg mijn lessenrooster voor volgende week en kon mijn ogen niet geloven: ik was zonder meer teruggeplaatst naar twee niveaus lager, dat terwijl zelfs dit hoogste niveau duidelijk te gemakkelijk is.

Op het Academic Office zagen ze me niet graag komen. Zonder excuses noch uitleg werd ik weer hoger geplaatst, zolang ik me maar snel genoeg uit dat Office verwijderde. Volgens mijn leerkracht echter kon dat niet: er zouden volgende week veel minder niveau-groepen gemaakt worden omdat de langetermijn-studenten vakantie hebben. Ik had dus heel veel zin om gewoon te stoppen, die cursus was pure geld- en tijdverspilling. De leerkracht gaf me gelijk dat de organisatie veel te veel rond marketing draait en ze wist me te vertellen dat ik lang niet de enige met dit probleem ben. Ze had zelf ook al ondervonden dat ik in die klas niet thuishoorde, en had met me te doen dat er effectief geen oplossing leek te zijn.

Een nieuwe scène bij het Academic Office. Tot ze me opnieuw naar een andere groep verplaatsten, hetzelfde niveau maar een andere leerkracht.
‘Shall we give it a try?!’, zei mevrouw Amy Winehouse van het Office.
‘I’m not convinced.’

Uiteraard was er helemaal geen andere optie, gezien ik hoedanook geen cursusgeld zou terugkrijgen.

In een bijzonder slecht humeur heb ik Florian gebeld om vake te vragen klacht neer te leggen bij de Belgische zetel van EF. Dan ben ik gaan ‘worshippen’ in Westminster Abbey, zodat ik gratis binnenkon.

’s Avonds bezocht ik het Shunt-theater waar ik al naar gebeld had, kreeg spontaan een rondleiding in de erg alternatief ogende ‘underground-scene’. Het theater ligt letterlijk onder de treinrails en bestaat uit verschillende fabriekachtige ruimtes. In elke afzonderlijk worden performances gegeven. Ik mocht morgen komen werken.

Een beetje verder in de straat ontdekte ik een ander, klein theater. ‘Wie niet waagt, niet wint’ in het vaandel dragend, ben ik daar binnengestapt, heb me voorgesteld en gevraagd of ik mocht komen helpen. De vrouw, die door een gelukkig toeval de manager bleek te zijn, vond mij zo sympathiek dat ze me uitnodigde om gewoon te blijven voor die avond. Andere vrijwilligers moeten een contract laten opstellen, maar gezien ik slechts twee weken in Londen blijf, maakte ze graag een uitzondering.

Ik kreeg opnieuw een rondleiding. Ze bleek Zuid-Afrikaans te spreken en de stage-verantwoordelijke bleek in België geboren te zijn. Ik kreeg dus een warm welkom, moest wat flyers gaan verspreiden, tickets uitdelen, tickets scheuren en nogmaals flyeren. In ruil mocht ik gratis tussen het publiek gaan zitten: ter waarde van vijftien pond. Het stuk was een moderne bewerking van Shakespeare's Othello, het speelde zich af op een farm in Zimbabwe. Theater in Londen leeft: ondanks het feit dat dit een kleine productie was, vond ik het oprecht goed.

Het theater had mijn dag min of meer goedgemaakt, en ik was plots zo in de wolken dat het geschiedde dat ik op de foute trein stapte. Er zijn blijkbaar meerdere treinen in de direction of Dartford. Ik belandde aan een futiel stopje en raakte aan de praat met een zwarte vrouw die net als ik lang moest wachten. Toen ik thuiskwam, was het al na middernacht, met het jammere gevolg dat ik geen avondeten meer had en leefde op bagels.

Donderdag 3 juni

De nieuwe leerkracht was veel sympathieker, maar het probleem was verre van opgelost. De les was simpelweg veel te gemakkelijk, veel te veel gericht op ‘praten’. Ik besliste mijn namiddag interessanter te maken en ging een politiek debat bijwonen in het House of Commons en het House of Lords. Ik werd daarvoor welgeteld zes keer gecontroleerd op het mogelijke bezit van terroristische bommen.


Uw gids ter plaatse

Ook kwam ik op het idee dat er betere manieren zijn om Engels te leren in Londen dan in een les onder niveau te zitten: ik zou me kunnen aanbieden als vrijwilliger bij een theater. Het Southbank Centre, een groot cultuurhuis vlak bij mijn school, verwees me door naar enkele kleinere theaters om de massa formaliteiten te vermijden. Ik belde met succes naar Shunt, onder het London Bridge treinstation.

’s Avonds ging ik shoppen in Primark in the Oxford-street, een schandalig goedkope keten waar alles voor het graaien ligt. Ik heb er ethische vragen bij, maar de koopdrang overtuigde me dat niets kopen geen structurele oplossing zal brengen.

Woensdag 2 juni

Het Academic Office kon pas beslissen als mijn leerkracht akkoord ging. Je voelt het kastje- en muur-verhaal komen. Ik moest maar eens terug komen na de middag.

Mijn eerste twee lessen Writing waren evenzeer een flop als mijn lessen van gisteren. Erg basis, weinig concreets, helemaal niet uitdagend.

De Academic Office had mijn leerkracht nog niet kunnen contacteren. Kom nog eens terug na je volgende les.

Grammatica was ronduit rampzalig. We moesten praten over de family tree (stamboom) en over de kwaliteiten van een rockstar. Oh ja, op het einde leerden we hoe we het zinnetje ‘I wish…’ op een passende wijze konden aanvullen. Met een erg wrang gevoel ging ik opnieuw naar het Academic Office.

Daar kwam de klap op de vuurpijl. Het Academic Office had namelijk beslist - in samenspraak met mijn leerkracht - dat ik volledig juist zat en dus gewoon moest afwachten tot het beter werd. Ik heb daar een hele scène verkocht, tot de lady gezwicht is en me prompt twee niveaus hoger plaatste. Ik mocht ook naar de pronunciation-class in plaats van nog eens die tenen-krullende ‘grammatica’-les te volgen. In feite wist ze me zelf te vertellen dat die pronunciation niet nuttig zou zijn voor mij gezien ik geen specifieke problemen heb, maar ik vond het nog wel amusant.

Miranda had weer lekker gekookt en we hebben nog een hele tijd gebabbeld.

Dinsdag 1 juni

Tegen acht uur ’s morgens nam ik de trein naar het New London Architecture Museum en het British Museum, beide gratis zoals veel musea hier.


In het British Museum was een Afrikaanse verhalenvertelster aan het werk.

Na de middag had ik les. Dat was bijzónder ontgoochelend: we speelden spelletjes, babbelden wat; niks concreets, geen uitdaging, en het niveau lag duidelijk veel te laag. Na een jaar universiteit in het Engels hoef ik echt geen durf-spreken-lessen meer. Veel studenten waren duidelijk niet gemotiveerd en stoorden voortdurend de les.

Ik vroeg de leerkracht of ik naar een hoger niveau mocht, maar zij oordeelde dat het wel beter zou worden en dat ik daar ongetwijfeld wel goed zat. Toen ik werkelijk smeekte, moest ik de volgende dag maar eens langs het Academic Office gaan.

Zondag 30 mei

We sliepen zo lang mogelijk en gingen dan naar de winkel. In Tesco bleek een Belgische identiteitskaart onaanvaardbaar om onze leeftijd te bewijzen, meneer-ik-voel-me-belangrijk wilde graag een écht paspoort zien. Na een tevergeefse discussie dropen we af zonder witte wijn…

Tegen de middag hadden we een ‘appointment’ met Stan en Greet aan de Millennium Bridge. Mijn ‘uncle and auntie’ kwamen Noor toevallig dit weekend bezoeken. We aten een sandwich, brachten een spoedbezoek aan het British Museum en wandelden naar Noors residentie voor een vroeg avondmaal. Stan en Greet moesten hun trein terug halen; ik trok naar mijn gastfamilie in Welling, een half uurtje treinen vanaf het centrum.

Het huis ligt aan de achterkant van een winkel, erg moeilijk te vinden vanaf de straatkant. Enkel de zestienjarige zoon was thuis, sympathieke kerel, bracht mijn bagage naar boven. Ik heb een kamer voor mezelf gezien er momenteel geen andere student logeert, er is wifi-internet in het hele huis en alles ligt er kraaknet bij.

Maandag 31 mei

Ik sliep lang, ging naar het station om een weekpas te kopen, en maakte daar meteen gebruik van. In tegenstelling tot een Oyster-kaart voor bussen en the underground (metro), die je elke keer moet scannen, moet je de treinkaart doorheen een gleufje laten gaan. Een mens moet het maar weten.

Ik bezocht de taalschool, kreeg mijn lessenrooster en moest mijn boeken aanschaffen. Morgen zou mijn eerste les zijn, ik was benieuwd.

Na een wandeling in de stad keerde ik terug. Mijn gastmoeder Miranda, een stralende vrouw met roots in Cyprus, had een heerlijke salade voor mij klaargemaakt. Ik ga hier altijd vegetarisch voorgeschoteld krijgen, mjum.

Zaterdag 29 mei

Omdat mijn verblijf in Rome zo kort is, probeerden we de highlights te zien. Vandaag waren dat het Vaticaan met de Sint-Pietersbasiliek, het pantheon, de Trevi-fontein en nog heel wat historische gebouwen op de weg. In Rome duiken op de meest onverwachte plaatsen ruïnes en geschiedenis op.

Tegen vijf uur gingen we onze spullen ophalen, bracht de Griek/Cyprioot me naar het metro-station en reed hij met Eline terug naar Perugia. De metro in Rome is een verschrikking: oud, vuil, vervallen, overbevolkt, bedrukkend warm en veel te klein. Er zijn voorlopig nog maar twee lijnen, dat is zelfs minder dan in Milaan.

Ik nam de bus naar Roma Ciampino. In het café waar ik op de bus moest wachten, ontmoette ik twee sympathieke Belgen uit Namen, ontmaskerd door hun accent, met wie ik een babbel had over de problematiek in België en de nieuwe verkiezingen.

Rond middernacht, op vaste bodem in Londen: ‘please keep your seatbelts fastened, the captain has to check the motor’. Ongeveer een uur lang moesten onze seatbelts fastened blijven. Vervolgens was de schok groot: van Rome naar Londen in enkele uren, dat was werkelijk zoals Lambikske in zijn teletijdmachine. Van al die ruïnes uit de oudheid kwam ik nu in de futuristische luchthaven van London Stansted: ijzeren liftdeuren voor een treintje naar de douane, mannen in uniform met bazooka’s, bewakers in elke hoek van het gebouw, computers met internet overal ter beschikking, roltrappen bij de vleet, indrukwekkende architectuur met veel glas, metaal en ingewikkelde constructies, … dit is Londen.

Ook de prijzen voor het openbaar vervoer zijn Londens. Van de luchthaven naar het Liverpool Street train station, en daar moest ik een bus zien te vinden. Om het kluwen van verbindingen te vatten, mag het geen drie uur ’s nachts (London time) zijn. Bovendien kreeg ik het aan de stok met de buschauffeur die mijn briefje van 20 pond onaanvaardbaar vond.
‘Je moet altijd reizen met munten op zak.’
‘Maar meneer, ik kom van de luchthaven, waar word ik verondersteld ’s nachts nog munten vandaan te toveren?’
‘It’s not your first time in London, is it?’ (in een druipend vettig Londens accent)
Jawel, maar ik zweeg wijselijk. Vooraleer ik mijn ticketje mocht aannemen, moest ik als een braaf schoolkind mijn rugzak gaan wegzetten. Compleet nutteloos, maar deze man vond het kennelijk leuk mensen te vernederen. Ieder zijn pleziertje.

Tegen half vier was ik uiteindelijk bij Noor op de residentie. Ze was speciaal moeten opstaan en bood me een plaatsje op haar tapijt aan.