Per mail hadden we afgesproken dat Efča me zou komen afhalen
aan het treinstation. Ze staat me op te wachten met een typisch Tsjechisch drankje: Kofola. De kleur en smaak lijken op cola met drop. Terwijl ik even uitpuf op een bankje aan de muziekfontein op het stationsplein, koopt zij me een tramticket. Dat kost minder dan een euro en is vierentwintig uur geldig. Efča helpt mijn bagage dragen en binnen het kwartier zijn we bij residentie Neredin (Nerzedin, rz als één medeklinker uit te spreken, niet makkelijk).
Die hulp bij de bagage was meer dan welkom. Vanaf het kot van Marie in Budapest tot Olomouc moest ik in mijn eentje met de vijfenveertig kilo sleuren. De lift in, het appartement buiten, de straat door, een waanzinnig steile roltrap tot diep onder de straten van Budapest af, de metro in, de metro uit, de trappen op (de wieltjes van de valies jammerden luid), de straat over, het informatiekantoor in naar rechts, perron 1 links in de uiterste hoek van het grote stationsgebouw. Toen ik eindelijk de juiste trein had gevonden, duwde een man van het treinpersoneel mijn valies uit de wagon: “First class”. In de tweede wagon duwde een andere man me buiten: “Restaurant”. De derde wagon (de verhaalstructuur begint iets weg te hebben van een sprookje) was er een met van die hokjes waar telkens zes mensen in kunnen. Een vriendelijke Ier die al jaren in Budapest woont, vertaalde wat Hongaars achtergrondgeluid.
Na de tweede stop kwamen er namelijk opeens allemaal mensen die beweerden dat ze een bepaalde, genummerde plaats hadden gereserveerd. Ze joegen de mensen die op hun zogenaamde plaats zaten met veel kabaal weg.
De Ier stapte af, twee oude, Slowaakse vrouwtjes stapten op. Ik had schrik om mijn aansluiting in Brečlav te missen omdat de trein al bijna een half uur vertraging had. De vrouwtjes begrepen echter niets van wat ik zei en streelden wat over mijn arm om mij gerust te stellen. Ik ben nog nooit zo enthousiast uitgezwaaid door twee onbekende, oude vrouwtjes als toen ik afstapte in Brečlav. Uiteindelijk haalde ik de overstap en kwam ik stipt op tijd aan in Olomouc.
Mijn residentie is gelegen aan de laatste tramhalte. Deze ‘eindbestemming’ is vrij letterlijk omdat hier ook het crematorium is. Ik verblijf in Neredin B, vlakbij de receptie, op de vijfde verdieping. Het is ingericht als een soort appartementje met vijf kamers, twee minibadkamertjes en een kookplaat. In de andere kamers slapen Maleisische meisjes die geneeskunde studeren. Ze blijven hier denk ik ook in de vakantie, in elk geval ligt er héél veel rommel en in de buurt van dat keukentje kom ik eigenlijk liever niet. Misschien moet ik eens een grote herfstschoonmaak voorstellen.
’s Avonds ga ik met Maarten en Nele (twee andere geschiedenisstudenten van Leuven) en onze buddy Efča een lasagne eten in een gezellig restaurantje. Drank inbegrepen minder dan vijf euro, en dat was nog zonder studentenkorting. Alles is hier dus effectief heel goedkoop, maar de Tsjechen eten wel veel vlees, nauwelijks groenten en veel vettige dingen zoals een soort kaas-Wienerschnitzel, aardappelkoek met heel veel olie,….
Na het begin van mn eigen erasmusavontuur en de fotos van jullie bij marie, was ik al bijna vergeten dat jij ook nog moest vertrekken! ;)
BeantwoordenVerwijderenHet valt daar allemaal al goed mee precies! Alsook de prijzen van alles, jammer genoeg kan ik dat niet zeggen over zweden :)
Nog veel plezier en veel succes met alles te vinden de eerste dagen! x
Ha Judith !
BeantwoordenVerwijderenIk ga regelmatig je blog lezen, ik twijfel er niet aan of je een heel leuk en boeiend jaar zal hebben.
Istenhozzád!
Gérdá
Prei! Schorseneren! Groeten!!!
BeantwoordenVerwijderenTony
(benieuwd wat andere lezers van deze reactie denken...)
Dag Judith
BeantwoordenVerwijderenJe positieve toon klinkt me in de oren als accordeonmuziek.
vake
hee! zo leuk, in tsjechië op erasmus zowaar! leve oost-europa en zijn goedkope eten! woehoew! in ieder geval, geniet ervan! ik ga stiekum een paar keer meelezen en zo mee-avonturen in tsjechië! ;) doeidoei!
BeantwoordenVerwijderen